Niet voor de aardigheid

‘Dat wat je uitzonderlijk maakt, als je dat al bent, is ook dat wat je eenzaam maakt.’ Een citaat van Lorraine Hansberry, Amerikaans (toneel)schrijfster. Om erbij te mogen horen, moet je je aanpassen aan ‘de rest.’ Om geaccepteerd te worden, moet je geloven in netjes een hand geven, op verjaardagsvisite gaan en gezellige kerstdagen met familie. Als ik niet netjes doe alsof, ben ik bang dat iedereen me arrogant en asociaal vindt. Dus stel ik belangstellende vragen aan mensen waar ik niet in geinteresseerd ben en beijver ik me om van alle nobele daden de nobelste te doen. Vandaar dat Arnon Grunberg me zo irriteert.

Voor die mening heb ik heel wat medestanders. Er is eigenlijk niemand die Arnon sympathiek vindt. Bewondering voor zijn werk alom, maar zijn persoon wordt omschreven als onaangenaam en pedant. ‘Schrijvers zijn meestal niet zo aardig.’ zegt Arnon daar zelf over. ‘Misschien ben ik zelf ook wel niet zo aardig.’ Misschien roept dat nog de meeste irritatie op: dat hij onder al die controverse rond zijn persoon en werk tamelijk laconiek blijft. Hij doet geen concessies om aardig gevonden te worden. Op de uitnodiging voor zijn 40e verjaardag koketteerde hij er zelfs een beetje mee. Hij gaf de uitnodiging als ondertitel: ‘Heb je nog steeds vrienden?’ Ik ben jaloers op zoveel eigenzinnigheid.

Want stiekem heb ik het gevoel dat ik ook ergens heel goed in zou zijn, als ik me niet steeds bewust of onbewust aanpas aan mijn omgeving. Als ik me niet laat leiden door wat anderen van mij verwachten. Of door wat ik dénk dat ze van mij verwachten. Het onhebbelijke imago van Grunberg laat zien wat er gebeurt als je niet doet alsof. Zelfverzekerd zijn wordt door iedereen aangemoedigd; als je dan eindelijk zelfverzekerd bént, word je verguisd.

Als Grunberg in een damesblad een hobbyrubriekje had gevuld, met tedere verwijzingen naar zijn moeder, had iedereen hem een lieve jongen gevonden. Maar Arnon schrijft niet voor de aardigheid. Arnon ziet de buitenwereld als bedreiging. Alles wat je zegt en doet kan tegen je worden gebruikt. Dan word je óf heel aardig om iedereen te vriend te houden, óf je kiest een waardiger weg.